U bent hier : SAK > Statuten
Statuten van Stichting Administratiekantoor van aandelen Ballast Nedam

De dato 20 mei 2011

Download dit document als pdf formaat

Statuten van Stichting Administratiekantoor van aandelen Ballast Nedam met zetel te Nieuwegein, zoals deze luiden na een akte van statutenwijziging verleden op 20 mei 2011 voor Mr P.H.N. Quist, notaris te Amsterdam.

Naam en zetel
Artikel 1.

  1. De stichting draagt de naam:
    Stichting Administratiekantoor van aandelen Ballast Nedam.
  2. Zij heeft haar zetel te Nieuwegein

 

Doel

Artikel 2. 

  1.  De stichting heeft ten doel:
    a.         het tegen toekenning van royeerbare certificaten op naam ten titel van beheer verwerven en administreren van aandelen op naam in het kapitaal van de naamloze vennootschap Ballast Nedam N.V. (de 'vennootschap'), en van eventueel daarop uit te keren bonusaandelen of bij wege van stockdividend of met behulp van claims verkregen aandelen, het uitoefenen van alle aan die aandelen verbonden stemrechten en alle andere aan die aandelen verbonden rechten gelijk het uitoefenen van claimrecht en het ontvangen van alle uitkeringen verbonden aan die aandelen, waaronder liquidatie-uitkeringen, onder de verplichting het ontvangene aan de certificaathouders uit te keren, met dien verstande dat voor bonusaandelen of bij wege van stock dividend verkregen aandelen en voor aandelen welke voor een certificaathouder bij de uitoefening van een claimrecht worden verkregen, certificaten zullen worden toegekend; en voorts
    b.        het verrichten van alle handelingen welke met het vorenstaande in verband staan, daaruit 
    voortvloeien of daaraan bevorderlijk kunnen zijn.
  2. Elke bedrijfsuitoefening, die commercieel risico voor de stichting zou kunnen meebrengen, is uitgesloten.
  3. Bij het uitoefenen van het stemrecht op de aandelen richt de stichting zich primair naar het belang van de certificaathouders en houdt het rekening met het belang van de vennootschap en de met haar verbonden onderneming. 
  4. Het bestuur van de stichting zal op de algemene vergadering van de vennootschap op verzoek een verklaring omtrent zijn voorgenomen stemgedrag geven.

Bestuur

Artikel 3.

  1. Het bestuur is belast met het besturen van de stichting.
  2. Het bestuur is niet bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten welke betrekking hebben op het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen, noch tot het sluiten van overeenkomsten waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk mede-schuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een derde verbindt.
  3. Het bestuur kan in overleg met de vennootschap aan bestuursleden een bezoldiging toekennen in overeenstemming met het belang en de omvang van de werkzaamheden.    

Artikel 4.

  1. Het bestuur bestaat uit drie leden.
  2. Ingeval van één of meer vacatures blijft het bestuur bevoegd behoudens hetgeen in artikel 9.1 is bepaald. 
  3. Bestuurders kunnen niet zijn:
    a.      bestuurders en commissarissen van de vennootschap en/of haar dochtermaatschappijen;
    b.      echtgenoten en bloed- en aanverwanten tot en met de vierde graad van bestuurders of commissarissen van de vennootschap en/of haar dochtermaatschappijen;
    c.      werknemers van de vennootschap en/of haar dochtermaatschappijen;
    d.      vaste adviseurs van de vennootschap, waar onder begrepen de deskundige als bedoeld in artikel 2:393 Burgerlijk Wetboek, de notaris en de advocaat van de vennootschap;
    e.      voormalige bestuurders, commissarissen en werknemers van de vennootschap en/of haar dochtermaatschappijen;
    f.       voormalige vaste adviseurs van de vennootschap als hiervoor bedoeld, doch alleen gedurende de eerste drie jaren na de beëindiging van hun adviseurschap;

Artikel 5.

  1. Het bestuur benoemt de bestuurders.
    De vergadering van certificaathouders kan personen ter benoeming aanbevelen.
    Het bestuur deelt haar daartoe tijdig mede, dat en wanneer een vacature in haar midden dient te worden vervuld.
  2. Voor het defungeren van een bestuurder dient zo mogelijk reeds een besluit omtrent zijn opvolging te zijn genomen.
    Dit besluit kan voor het ontstaan van de vacature te allen tijde gewijzigd worden.
  3. Elke bestuurder treedt uiterlijk af na afloop van de eerste vergadering van certificaathouders die gehouden wordt nadat vier jaren na zijn laatste benoeming zijn verstreken.
    Een bestuurder kan maximaal driemaal voor een periode van vier jaar zitting hebben in het bestuur.
    Het bestuur stelt een rooster van aftreden vast.
    Aftredend bestuurders zijn terstond herbenoembaar, onverminderd het hiervoor in artikel 4.3 bepaalde. 
  4. Het bestuur kiest uit zijn midden een voorzitter.

Artikel 6.

Het bestuurslidmaatschap eindigt:

a.     door overlijden of bedanken en indien het betreft een bestuurder/rechtspersoon eveneens ingeval van ontbinding;
b.    ingeval een bestuurder naar het oordeel van het bestuur blijvend in termen van belet of ontstentenis verkeert;
c.     door het eindigen van de hiervoor genoemde termijn van vier jaar;
d.     ingeval een bestuurder failliet wordt verklaard, surséance van betaling aanvraagt of onder curatele wordt gesteld;
e.     door het verkrijgen van een met het bestuurslidmaatschap onverenigbare kwaliteit, omschreven in artikel 4.3.

Vertegenwoordiging

Artikel 7.

  1. Het bestuur vertegenwoordigt de stichting.
    Vertegenwoordigingsbevoegdheid komt mede toe aan twee gezamenlijk handelende bestuurders.
  2. Het bestuur van de stichting kan schriftelijk volmacht verstrekken aan één of meer personen in of buiten zijn midden, om het bestuur te vertegenwoordigen ter uitvoering van een door de stichting genomen bestuursbesluit.

Vergaderingen
Artikel 8.

  1.  Het bestuur vergadert telkens voor een algemene vergadering van de vennootschap, waarvan de stichting tegen uitgifte van certificaten aandelen heeft verkregen, alsmede zo dikwijls één bestuurslid zulks nodig acht.
  2. De vergaderingen worden bijeengeroepen door de voorzitter.
    Bij gebreke van deze oproep geschiedt bijeenroeping door de bestuurder, die de vergadering nodig acht.
    Alle oproepen geschieden schriftelijk met inachtneming van een oproepingstermijn van zeven dagen, de dag van de vergadering en die der oproeping niet meegerekend.
    Bij de oproeping dienen de ter vergadering te behandelen agendapunten te worden vermeld.
    Niettemin kan het bestuur geldige besluiten nemen ook al heeft oproeping van de vergadering niet plaatsgevonden op de hiervoor omschreven wijze, indien alle bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd zijn en met hun aller goedvinden.
  3. De bestuursvergaderingen worden voorgezeten door de voorzitter en bij diens afwezigheid door degene, die daartoe door de vergadering wordt aangewezen.
    Notulen worden gehouden van hetgeen ter vergadering wordt behandeld, welke notulen in dezelfde vergadering of in de volgende vergadering worden vastgesteld, en ten blijke daarvan door de voorzitter ondertekend.
  4. De voorzitter van de raad van bestuur van de vennootschap en/of het financiële lid van de raad van bestuur van de vennootschap zal (zullen) op uitnodiging van het bestuur van de stichting de bestuursvergaderingen bijwonen en aldaar een adviserende stem hebben.
    Het bestuur van de stichting zal hen daartoe ten minste twee maal per jaar uitnodigen om de bestuursvergadering van de stichting bij te wonen.

Artikel 9.

  1. Rechtsgeldige besluiten worden genomen in vergaderingen, welke op statutair voorgeschreven wijze zijn bijeengeroepen en waarin tenminste twee bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd zijn.
  2. Een unanieme schriftelijke verklaring van de gezamenlijke bestuurders heeft dezelfde rechtskracht als een besluit genomen met algemene stemmen in een bestuursvergadering, waarin alle in functie zijnde bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd zijn.
  3. Afwezige bestuurders kunnen zich krachtens schriftelijke volmacht door een medebestuurder doen vertegenwoordigen. 
  4. Alle bestuursbesluiten worden genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen, tenzij de statuten of de administratievoorwaarden een grotere meerderheid voorschrijven.
  5. Elke bestuurder heeft recht op het uitbrengen van één stem.
  6. Bij staking van stemmen geeft de stem van de voorzitter de doorslag.

Boekjaar

Artikel 10.

  1.  Het boekjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

Rekening en verantwoording

Artikel 11. 

  1.   Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de stichting zodanige aantekeningen te houden dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend. 
  2. Het bestuur is verplicht de in de artikelen 11.2 en 11.3 bedoelde bescheiden zeven jaar lang te bewaren.

Vergadering van certificaathouders

Artikel 12.

       

De stichting zal de certificaathouders in vergadering bijeenroepen, telkens indien de stichting dit gewenst acht en in het geval dat deze statuten of de administratievoorwaarden dit voorschrijven.

Voorts is op vergaderingen van certificaathouders het bepaalde in de administratievoorwaarden van toepassing.

 

Reglement

Artikel 13. 

      

Het bestuur kan een reglement vaststellen, waarbij regels worden gegeven omtrent die onderwerpen, welke naar de mening van het bestuur een nadere regeling behoeven.

Het reglement mag geen bepalingen bevatten die in strijd zijn met deze statuten of met de wet.

 

Delegatie

Artikel 14.       

Het bestuur kan onder zijn verantwoordelijkheid de aan de administratie verbonden werkzaamheden geheel of ten dele door een andere instelling doen uitvoeren.

 

Statutenwijziging

Artikel 15.

  1. Het bestuur is bevoegd de statuten te wijzigen.
  2. Een besluit van het bestuur tot statutenwijziging kan slechts worden genomen in een voltallige vergadering.
    Bij de oproeping tot de vergadering, waarin een statutenwijziging zal worden voorgesteld, dient een afschrift van het voorstel, bevattende de woordelijke tekst van de voorgestelde wijziging, te worden gevoegd. 
  3. Een besluit tot wijziging van het in deze statuten bepaalde behoeft de goedkeuring van de vennootschap en van Euronext Amsterdam N.V. 
  4. Een statutenwijziging treedt eerst in werking nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt.
    Tot het doen verlijden van die akte is iedere bestuurder bevoegd.

Ontbinding en vereffening

Artikel 16.   

  1. Het bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden.
  2. Het besluit van het bestuur tot ontbinding behoeft de goedkeuring van de vennootschap. 
  3. Na de ontbinding geschiedt de vereffening door het bestuur.
  4. De door de stichting gehouden aandelen zullen na haar ontbinding tegen intrekking van de daartegenover uitgegeven certificaten aan de certificaathouders worden overgedragen, tenzij de taak van de stichting krachtens besluit van het bestuur aan een andere instelling wordt overgedragen, in welk geval de door de stichting gehouden aandelen ten titel van beheer worden overgedragen aan die instelling.
  5. Na afloop van de vereffening blijven de boeken en bescheiden van de ontbonden stichting gedurende de bij de wet voorgeschreven termijn onder berusting van de door de vereffenaars aangewezen persoon.

Administratievoorwaarden

Artikel 17. 

  1.  Het bestuur stelt bij notariële akte voorwaarden voor het administreren van aandelen in de vennootschap, 'administratievoorwaarden', vast, en is bevoegd tot wijziging daarvan te besluiten.
  2. Op een besluit tot wijziging van de administratievoorwaarden is het bepaalde in artikel 15 van overeenkomstige toepassing onverminderd het dienaangaande in die administratievoorwaarden bepaalde.